Ode aan de leerkracht

Leerkrachten. Helden zijn het. Geen Superman, Batman of Hulk maar echte helden van vlees en bloed. Mensen zoals jij en ik die elke dag opstaan en die als jobinhoud hebben: een verschil te maken. Een verschil maken in het leven van onze kinderen. En dit doen ze elke dag. Jaar na jaar.

En vandaag krijgen ze voor even hun moment in de spotlight want het is Dag Van De Leerkracht. En bij God, ze verdienen die dag. Maar als je het mij vraagt verdienen ze die dag elke dag. Ze nemen immers dagelijks, voor een achttal uur, de opvoeding van onze hummeltjes (groot en klein) integraal over. En laat ons eerlijk zijn, ouders: dat is zwoegen. Een hele dag kinderen en jongeren geboeid houden, prikkelen en helpen openbloeien? Dat is een talent. Of liever: een superkracht.

Een hele week lang 20 à 30 mini-mensen begeleiden, aansturen, opleren. Kinderen en jongeren zo divers dat er simpelweg geen standaard aanpak voor bestaat. Weinigen van ons vertoeven op dagelijkse basis in zo’n smeltkroes van achtergronden en culturen. Zij wel. En zij managen het. Met 100 kleuters naar de dierentuin gaan? Zij managen het. Kinderen leren lezen, schrijven, rekenen, etc? ZIJ MANAGEN HET.

Investeren in kinderen is de meest zinvolle investering die je kan doen. Maar dan moet je ook investeren in mensen die elke dag klaar staan voor onze kinderen.

Kinderen zijn de toekomst. Investeren in kinderen betekent investeren in de toekomst. Volgens mij de beste en meest zinvolle investering die je kan doen. MAAR dan moet je ook investeren in die groep mensen die elke dag klaar staat voor onze kinderen.

Leerkrachten maken een groter verschil dan we soms beseffen. Wanneer ik dit schrijf, denk ik terug aan één van de leerkrachten die bij mij een verschil heeft gemaakt. Een man die me inspireerde. Een man die ervoor zorgde dat ik graag naar school ging, omdat hij geduldig en begripvol was (niet altijd makkelijk bij pubers). Een man die dacht en sprak in mogelijkheden. Iemand die er mee voor gezorgd heeft dat ik zit waar ik zit, schrijvend voor een geweldig magazine, schrijvend voor televisie, kortom: mijn droomjob uitoefen. Het was in zijn lessen Nederlands dat ik de liefde vond voor schrijven, theater en boeken, omdat hij de materie benaderde op een manier die interessant was voor een puisterige puber als ik. Ik weet nog hoe hij me ooit tijdens de speeltijd vroeg wat ik later wou doen. “Iets in televisie/film”, antwoordde ik vaag. Zonder verpinken zei hij dat dat echt iets voor mij was. Hij wist immers wat een immense filmliefhebber ik was. Hij geloofde in zijn leerlingen, en dat is op die leeftijd héél veel waard.

Lieve leerkrachten, vanaf het kleuteronderwijs leggen jullie een fundament waarop een hele schoolcarrière wordt gebouwd. Een basis die onze kinderen klaarstoomt voor een wereld die zelden perfect is. Voor een leven dat zelden perfect is.

Vanaf het kleuteronderwijs leggen leerkrachten een fundament waarop een hele schoolcarrière wordt gebouwd.

Lieve leerkrachten, ik weet dat jullie het niet doen voor het geld of voor de vakantie. Ik weet dat jullie het doen omdat het jullie roeping is. Want dat is het: een roeping. Met deze ode wil ik jullie dan ook bedanken om gehoor te geven aan die roeping.

En tenslotte een warme oproep aan iedereen, met koters of zonder. Wees dankbaar voor wat de leerkrachten doen voor al die schoolgaande kinderen. Maar denk ook heel even terug aan die ene leerkracht (of meerdere) die een verschil heeft gemaakt in jouw leven. Je hebt hem/haar vast al jaren niet meer gezien. Misschien ben je zijn/haar naam wel vergeten. Hoe dan ook, denk even terug aan die mensen die een verschil gemaakt hebben. Ze zijn het waard.

Foto: Istock
Profielfoto van Tom Vermeyen Door Tom Vermeyen

Tom Vermeyen combineert het vaderschap met het schrijven van scenario's en boeken. Hij heeft van zijn passie zijn werk kunnen maken wat van hem one lucky bastard maakt. Maar het is vooral zijn gezin dat zijn leven compleet maakt. Hij schrijft over dingen die hem prikkelen, ontroeren, doen nadenken en hoopt dit op zijn beurt te doen met de lezer.

4 reacties
  • Alysa says:

    Overigens, men heeft ons als leerlingen wel kennis doen maken met de openbare bibliotheek, doch die kende ik reeds, daar was ik (gelukkig) al lid van, maar ’t is niet omdat je naar de bibliotheek gaat dat je dan ook kennis neemt van literatuur, hé, nee, ik dacht dat literatuur simpelweg verhaaltjes waren en ging dus eerder naar de non – fictie afdeling, die tevens voor mij meestal te moeilijk was, ‘k heb destijds wel het dégelijke muziektijdschrift Oor leren kennen in de bibliotheek waarvan ik vanaf mijn elfde lid was, maar literatuur, nee, ik ging (zo goed als) nooit naar de literaire afdeling, toch zeker niet om er boeken uit te lenen, nee, literatuur, theater, film en liefde voor de betere muziek moet men in ’t school leren kennen en als men ’t daar niet doet . . .

    Maar die ene leerkracht heeft mij dus wél kennis laten maken met literatuur, maar enkel met de Nederlandstalige literatuur, later heb ik wel vooral kennis gemaakt met de Engelse literatuur, hoe dat was gekomen weet ik niet meer zo goed, maar gelukkig had ik wel die kleine summiere basis van die Nederlandstalige literatuur om te begrijpen dat men blijkbaar in andere talen zoals het Engels ook ‘verhaaltjes kon schrijven’ – ik bleef voor lange tijd literatuur als een soort van ‘verhalen’/’verhaaltjes’ zien, daar kon ik niets aan doen, ik was voormalig BSO – leerling en wij leerden niet veel.
    Maar langzaam begon ik wel te beseffen dat die zaken die ik las toch écht wel als ‘literatuur’ te omschrijven waren, doch dat besef is bij mij pas later gekomen!
    Overigens heb ik zo goed als mijzelf Engels aangeleerd, die kleine summiere basis die ik van ’t middelbaar kende was goed genoeg, doch, niet goed genoeg om Engels te kennen zoals een échte germanist met o.a. een opleiding Engels die taal zou kennen, nee, ‘k wilde écht Engels kennen en heb dat op mijn manier aangepakt simpelweg met mijn Kramers – woordenboek Engels – Nederlands/Nederlands – Engels in de hand!
    Niet dat ik aan die kennis Engels zo veel heb: beroepshalve kan ik er reeds precies niets mee doen, misschien ga ik wel nooit meer naar Groot – Brittannië of een ander Engelstalig land en dan vraag ik mij af waarom ik dat Engels zo goed heb trachten te leren, als ik er beroepshalve toch reeds niet veel mee ben, dan ontwikkel je al eens een talent (‘k wou er nog véél meer ontwikkelen, maar dat kwam er maar niet van o.a. door problemen thuis) dan wordt ’t niet (beroepshalve, geldelijk!) gewaardeerd!

  • Alysa says:

    Nogthans waren mijn leerkrachten van ’t BSO niet zo inspirerend: ze leerden mij niet enthousiast te worden voor literatuur, film, degelijke muziek en theater, ‘k heb het allemaal zélf moeten ontdekken, wat ik ook (later) deed!
    Maar, nee, zo inspirerend waren die leerkrachten van mij niet, tenzij die ene dan . . .
    Maar als ge ’t daarmee moet stellen!

    • kathleen says:

      Goh, dan zat je gewoon verkeerd in het BSO want dingen als degelijke literatuur staan daar niet in de (door de overheid opgelegde) leerplannen. De meeste leerlingen willen ook “alleen maar” een job leren en kan je daar helaas niet mee boeien… Dus je kan het je leerkrachten niet kwalijk nemen dat ze je niet naar de bib stuurden om goede literatuur te ontdekken.

      • Alysa says:

        Ja, inderdaad, ‘k zat daar, denk ik, achteraf bekeken, meer dan verkeerd, maar ja, hoe kwam ik er; da’s ook een paar mouwen die moeilijk uit te leggen zijn, afijn, toch wanneer ik dit in ’t kort wil doen; maar ’t is niet omdat de overheid vastgestelde leerplannen heeft dat men die als leerkracht strikt moet volgen, afijn, ik begrijp dat een leerkracht allereerst dat leerplan moet zien af te werken, doch, er is altijd tijd extra om eens wat anders uit te leggen, dan zou men het bv. wel eens even kunnen hebben over interessante Nederlandse schrijvers, bv. hé, maar ook dat deed men in die ene beroepsschool niet; in die andere school kregen wij wel lessen over Nederlandse schrijvers, bv. maar ik kreeg het juist met mijn leerkracht Nederlands aan de stok (of zij met mij)!

        Maar eigenlijk is heel dat schoollopen zowiezo een enorme tijdverspilling; afijn, ’t is goed als voorbereiding om later een job te vinden (discipline aan te leren, e.d. bedoel ik dan), maar de tijd die men aan lager en middelbaar onderwijs spendeert mag ook weer niet te lang duren!
        Maar wat het verkrijgen van wat eerder onder de noemer ‘algemene kennis’ begrepen wordt betreft, is het, denk ik, beter dat men op zichzelf aangewezen is, al is ’t natuurlijk goed indien er een volwassene is waar mee je over de dingen die je gelezen of gehoord hebt kunt reflecteren!
        Maar dit gezegd zijnde heb ik ervaren dat menigeen die bv. TSO of ASO heeft gestudeerd in ’t middelbaar ook niet zo héél véél algemene kennis opdeed (zoals ik wel dacht dat het in een TSO – of ASO – richting eerder was), zo kwam ik reeds een ex – TSO – leerling tegen die nog nooit van de schrijver Frederik van Eeden had gehoord en een voormalig Psychologie – student die nog nooit van Wilhelm Reich had gehoord!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Lees Charlie. Deel Charlie. Word Charlie.

We hebben jou nodig om ons magazine te blijven maken.

Kom dus bij de club en draag bij aan een eerlijk media-initiatief en een stem die nodig is!

Zonder jou, geen Charlie!

Er is meer dan ooit nood aan eerlijke verhalen en het geloof dat we dingen kunnen veranderen. Hell yeah. Word een Charlie en maak ons magazine mee mogelijk.

Ik word lid!