Jongeren durven nog te dromen over liefde

en dat is maar goed ook

Het is de meest opvallende demografische ontwikkeling van de afgelopen decennia: we brengen steeds meer jaren door buiten een traditioneel gezinsverband. Dat geldt ook voor redactrice Selma, die 29 is en single. Ze denkt graag na over hoe we invulling zijn gaan geven aan onze relaties ten opzichte van vorige generaties. In de reeks Relaties Anno Nu brengt ze de meest interessante veranderingen in kaart. Illustraties: Stephanie Willems
Nederlands onderzoek vertelt ons dat het omslagpunt waarop mensen een vaste relatie krijgen een jaar verlaat is, van 26 jaar tien jaar geleden naar 27 jaar nu. Ook het omslagpunt voor een vaste baan ligt, met 28 jaar, maar liefst vier jaar later dan tien jaar geleden. Hoewel een deel van de twintigers kinderen en een koophuis heeft, zijn dit mijlpalen die bij het leven van de dertiger zijn gaan horen.

Zijn jongeren anders naar de toekomst gaan kijken door deze veranderingen? Ik vroeg het aan Sarah Joos, die vormingen geeft over relaties voor de vzw Jong & Van Zin, en zo heel wat verhalen van 16 tot 18-jarigen te horen krijgt. En ik sprak met onze jongste redacteurs over de belangrijkste veranderingen op het vlak van relatievorming. Redactrice Alice is 18, gaat net studeren en heeft geen relatie. Redacteur Stijn is 21, werkt sinds een maand in de journalistiek en heeft een relatie.

De helft van de huwelijken strandt, en heel wat tieners maken dat van dichtbij mee bij hun ouders. Bovendien zijn er meer mogelijkheden dan ooit om je liefdesleven in te vullen.
Sarah Joos: “Toch verwachten de jongeren die wij interviewden dat ze op hun 18e gaan studeren, op hun 22e afgestudeerd zijn, aan het eind van hun studie hun partner ontmoeten, dan vinden ze een vaste job, gaan samenwonen, trouwen, krijgen kinderen… Scheiden of uit elkaar gaan komt in hun beleving eigenlijk niet voor. Ze trekken het traditionele kader dus niet in twijfel, maar willen het wel beter invullen dan hun ouders. Ze willen trouwen, maar wel een liefdevollere relatie hebben. Ze willen minder werken dan hun ouders, maar meer verdienen. Zulke ideaalbeelden halen jongeren deels uit films en media, maar tegelijkertijd weten ze ook wel dat dat niet de realiteit is.”

Stijn: “Toen ik 16 was, zag ik een standaard leven met huisje en tuintje voor me. Toen ik ging studeren, kreeg ik meer behoefte aan vrijheid en avontuur. Sinds kort heb ik mijn eerste relatie en nu snap ik ineens waarom mensen zo graag willen settelen! Toch wil ik niet voor mijn dertigste trouwen. Mocht ik bijvoorbeeld niet in de journalistiek verder kunnen, dan wil ik de vrijheid hebben om drastisch bij te sturen.”

Alice: “Ik wil pas na mijn 26e gaan samenwonen en kinderen krijgen na mijn 30e. Ik weet niet of het goed is om al heel jong de ware tegen te komen. Het is een beetje dubbel: je wil een serieuze relatie, maar tegelijkertijd heb je schrik dat je nog te jong bent. Tegen de leeftijd dat ik kinderen wil krijgen, hoop ik wel iemand gevonden te hebben. Als je eind twintig bent, weet je ook beter wie je bent. Dan heeft een relatie meer kans van slagen. Ik heb niet de droom om te trouwen, al heb ik er niets op tegen.”

Stijn: “Ik lees weleens dat monogamie eigenlijk onnatuurlijk is, maar toch vind ik het een mooi streven om voor altijd samen te zijn. Ik weet niet of ik ga trouwen, maar een aanzoek krijgen lijkt me een heel romantisch gebaar.”

Er wordt weleens geklaagd dat de boemerang-generatie niet snel genoeg volwassen wordt. Ze weten niet wat ze willen, hebben onrealistische ideeën over de arbeidsmarkt en gaan dan weer bij hun ouders wonen.
Sarah Joos: “Wat daarbij vergeten wordt, is dat jongeren van nu al erg jong erg veel keuzes moeten maken. Vroeger legde je een standaard weg af tussen het ouderlijk huis en het starten van een eigen gezin. Nu zijn er veel meer mogelijkheden en tegelijkertijd is de prestatiedruk hoog. Soms wordt er aan jongeren verteld dat de wereld voor hen openligt als ze maar hard genoeg studeren. Als ze dan afgestudeerd zijn en moeilijk ingang vinden op de arbeidsmarkt, of niet kunnen kiezen welke richting ze op willen, voelen ze zich een enorme loser. Ze denken vaak dat zij alleen verantwoordelijk zijn voor hun succes.

Onze samenleving is ook individualistischer geworden. Een paar decennia geleden was het vanzelfsprekender dat jonge mensen een sociaal vangnet hadden. Bij een eerder onderzoek dat we deden rond zingeving, leerden we dat jongeren verbondenheid met familie, vrienden en een lief zeer belangrijk vinden. En toch blijken maar weinigen effectief hulp te vragen aan mensen om hen heen. Ze proberen zoveel mogelijk zelf op te lossen. Dat lijkt voort te komen uit angst om in de steek gelaten te worden, mogelijk omdat er wel wat jongeren zijn die een vaste honk missen.” 

Alice: “Er zijn zoveel mogelijkheden… in het buitenland wonen bijvoorbeeld, maar dat is misschien wel eenzaam. Ik sta aan het begin van mijn studie, dus ik ben daar niet zo hard mee bezig.”

Stijn: “Voordat ik mijn huidige job vond, heb ik wel echt stress gehad. Toen lag alles helemaal open. Mijn job heeft mijn leven meer richting gegeven. Bovendien heb ik geleerd dat piekeren niet zoveel zin heeft. Je kunt je best doen, maar je kunt niet alles voorzien of plannen. Je moet dus ook kunnen loslaten.”

Digitalisering heeft veel meer mensen, en dus ook potentiele partners, binnen ons bereik gebracht. Datingapps worden door tieners zelden op een serieuze manier gebruikt, maar online communicatie heeft ook voor hen de datinggame veranderd.
Sarah Joos: “Wat mij verbaast is hoezeer alles wat tieners doen op Facebook of Instagram betekenis heeft: wie je wel of niet volgt, welke foto je wel of niet liket …. Een meisje vertelde hoe zij en haar lief zichzelf op Instagram als ‘single’ hadden aangeduid, terwijl ze nog een relatie hadden. Gewoon om eens uit te testen wie hen dan zou volgen, wie er anders op hen zou reageren… dat heeft allemaal betekenis. Niet alle jongeren zijn daar zo intensief mee bezig, maar er is een groep die veel tijd en energie steekt in online positionering. Jongeren die buiten school veel structurele sociale activiteiten hebben zijn daar vaak minder mee bezig. Jongeren die dat niet hebben, zoeken die sociale bevestiging wat meer online.”

Alice: “Ik heb Tinder, maar dat is vooral tijdverdrijf, ik verwacht er niets van. Soms heb ik een match en daar blijft het bij, we sturen elkaar geen berichten. Het is leuk om bevestiging te krijgen dat anderen interesse in jou hebben.”

Stijn: “Ik ontmoette mijn vriend offline, maar hij stuurde me later een bericht via Twitter om iets te gaan drinken. Voor wie niet hetero is, is online contact zoeken sowieso veiliger. Ik zou niet zomaar op iemand afstappen op een feestje, dat is al gênant genoeg zonder dat je je moet afvragen of iemand ook homo is. Tinder is een uitkomst, want je weet wat iemands geaardheid is. Sociale media zijn handig, maar geven soms ook wel stress.”

Alice: “Ja, want je kunt elkaar altijd bereiken en voelt druk om meteen te reageren. Als je een bericht opent, kan de afzender zien dat je het gelezen hebt. Het is lullig als je dan niet snel antwoordt. Daarom wacht ik soms om een bericht te openen. Ik zou trouwens nooit een relatie per sms beëindigen, maar dat gebeurt wel.”

Stijn: “Een vriendin van me is gedumpt via mail. Dat is echt het meest afstandelijke kanaal dat er bestaat. Een relatie uitmaken suckt, maar je moet het wel face to face durven zeggen.”

Volwassenen hebben er vaak moeite mee dat de scheiding tussen privé en werk verdwijnt. Collega’s kunnen zien wat je op Facebook doet, je baas kan je in het weekend whatsappen en dan ook nog zien dat je het gelezen hebt. Voor tieners geldt dat ze niet beter weten: na school wil je ook op social media een goed beeld achterlaten bij leeftijdgenoten en als je gepest wordt, houdt dat helaas niet meer op bij de schoolpoorten.
Sarah Joos: “Volwassenen kijken soms met verbazing naar hoe jongeren zich online profileren. We zien jonge meisjes die gewaagde selfies met duckfaces online zetten en vinden dat niet sociaal wenselijk, maar we moeten niet vergeten dat deze jongeren doen wat sociaal wenselijk is binnen hun leeftijdscategorie. Laten zien dat je tof, mooi en populair bent, dat deden jongeren altijd al. Erbij willen horen is van alle tijden, maar dat proces is nu zichtbaarder omdat het online gebeurt. Daardoor is het ook moeilijker voor jongeren om er afstand van te nemen. Vroeger ging om vier uur de schoolbel en ging je naar huis, waar je niet hoefde bewijzen dat je cool bent. Dat is vandaag anders. Jongeren die veel online zijn en zich daar profileren, krijgen geen pauze. Voor een deel van hen is erbij horen een fulltime job geworden.”

Alice: “Je past je online gedrag aan als je iemand leuk vindt. Ik zou niet alle foto’s van een crush liken op Facebook, maar je wil toch wel dat iemand jou opmerkt.”

Stijn: “Toen ik voor het eerst echt verliefd was, had ik een selfie gepost, en ik hoopte heel hard dat die persoon die zou liken. Toen dat gebeurde, was mijn dag meteen helemaal goed.”

Alice: “Zelf bekijk ik natuurlijk ook wel wat anderen online doen, zeker iemand die ik leuk vind. Spelfouten vind ik een afknapper.”

Stijn: “Ja, of iemand die enkel selfies uit een bepaalde hoek heeft. Door de manier waarop social media werken, ga je kleine dingen snel te veel analyseren. Een slechte bio op Tinder, slechte smaak…”

Alice: “Iemand die Spotify-playlists vol slechte muziek heeft, dat is een no go. Als ik iemand al ken en dan ontdek dat ie naar slechte muziek luistert, is dat niet zo’n issue. Maar als je iemand enkel via Tinder kent, is het dat wel.

Stijn: “Dan is het meteen left swipe!”

Veranderende relatievormen, een flexibele arbeidsmarkt en digitalisering hebben allemaal invloed op hoe we de liefde benaderen. Maar sommige dingen veranderen (gelukkig) nooit.

Na de gesprekken met Sarah, Alice en Stijn probeer ik me te herinneren hoe ik als tiener (dat is krap 10 jaar geleden) met relaties omging. Waar jongeren vandaag een smartphone vol apps hebben om een potentieel lief mee te leren kennen en benaderen, ijsbeerde ik eindeloos met mijn prepaid telefoon door de kamer omdat ik niet durfde bellen, of ging ik naar de bibliotheek om te chatten via MSN. De keuzestress, die herken ik. En ook ik verwachtte dat ik op mijn 29e in elk geval zou samenwonen, een vaste job zou hebben en misschien zelfs getrouwd zou zijn. Dat pakte even anders uit: ik heb geen lief, doe voornamelijk freelance werk en wil niet trouwen. Nu vind ik dat prima, maar wat zou mijn zestienjarige zelf daar wel niet van gedacht hebben?

Ergens wil ik Alice, Stijn en alle andere jonge mensen waarschuwen voor alle mogelijke teleurstellingen, uitdagingen en inzichten die ze nog gaan tegenkomen. Maar ik realiseer me al snel dat dat nergens voor nodig is. Dat vindt Sarah ook: “Dat jongeren een idealistisch beeld van relaties hebben, is logisch. Als jongeren aan het begin van hun leven cynisch zijn, is er iets goed mis. Ze komen er gaandeweg door ervaring achter hoe de wereld werkt, zoals alle mensen ooit gedaan hebben. Het voornaamste wat ouders en begeleiders jongeren kunnen leren, is om met die ervaringen om te kunnen gaan. Om keuzes te maken die op dat moment goed voor hen zijn, wetende dat die keuzes misschien niet definitief zijn. Zonder optimisme, en wat naïviteit, zou er bovendien niemand meer aan een relatie beginnen!”

 

Lees de hele reeks Relaties Anno Nu hier
Illustraties: Stephanie Willems

 

vlaanderen-verbeelding-werkt_lowresDit artikel kwam tot stand met steun van een projectsubsidie Mediabeleid van het Departement Cultuur, Jeugd, Sport en Media, Afdeling Cultuur en Media.
Profielfoto van Selma Franssen Door Selma Franssen

Selma is chef redactie bij Charlie, freelance journalist en communicatiespecialist. Zoals het een millennial betaamt, combineert ze meer jobs dan er in een werkweek passen. Ze houdt bovenal van zinnen die mooi genoeg zijn om drie keer te lezen. Als zo'n zin uit haar eigen pen komt, voelt het alsof geluk zo echt is, dat ze het in haar hand kan houden.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Lees Charlie. Deel Charlie. Word Charlie.

We hebben jou nodig om ons magazine te blijven maken.

Kom dus bij de club en draag bij aan een eerlijk media-initiatief en een stem die nodig is!

Zonder jou, geen Charlie!

Er is meer dan ooit nood aan eerlijke verhalen en het geloof dat we dingen kunnen veranderen. Hell yeah. Word een Charlie en maak ons magazine mee mogelijk.

Ik word lid!